zijn
Dutch verb conjugation — to be · /zɛi̯n/
In short: ik ben, jij bent, hij is, wij zijn, jullie zijn, zij zijn — and in the past, ik heb geweest.
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd
| ik | ben |
| jij / je | bent |
| hij / zij / het | is |
| wij / we | zijn |
| jullie | zijn |
| zij / ze | zijn |
Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd — the everyday past
| ik | heb geweest |
| jij / je | hebt geweest |
| hij / zij / het | heeft geweest |
| wij / we | hebben geweest |
| jullie | hebben geweest |
| zij / ze | hebben geweest |
Simple past
Onvoltooid verleden tijd
| ik | was |
| jij / je | was |
| hij / zij / het | was |
| wij / we | waren |
| jullie | waren |
| zij / ze | waren |
Past perfect
Voltooid verleden tijd
| ik | had geweest |
| jij / je | had geweest |
| hij / zij / het | had geweest |
| wij / we | hadden geweest |
| jullie | hadden geweest |
| zij / ze | hadden geweest |
Future
zullen + infinitive
| ik | zal zijn |
| jij / je | zult zijn |
| hij / zij / het | zal zijn |
| wij / we | zullen zijn |
| jullie | zullen zijn |
| zij / ze | zullen zijn |
Conditional
zouden + infinitive
| ik | zou zijn |
| jij / je | zou zijn |
| hij / zij / het | zou zijn |
| wij / we | zouden zijn |
| jullie | zouden zijn |
| zij / ze | zouden zijn |
Imperative
Commands
| jij | wees |
zijn in sentences
- Zijn of niet zijn, dat is de vraag.To be or not to be, that is the question.
- Was je er afgelopen zaterdag ook?Were you there too last Saturday?
- De bal is rond.The ball is round.
Examples from Wiktionary.
Questions about zijn
How do you conjugate zijn in the present tense?
ik ben, jij / je bent, hij / zij / het is, wij / we zijn, jullie zijn, zij / ze zijn.
What is the past participle of zijn?
geweest.
Does zijn take hebben or zijn in the perfect?
hebben: ik heb geweest.
How do you say "I be" in Dutch?
Ik ben.
What is the simple past of zijn?
ik was, wij waren.
More Dutch verbs
All 150 Dutch verbs → · The Dutch inburgering exam explained
Conjugation, meanings and examples: Wiktionary (CC BY-SA 4.0), via kaikki.org. zijn on Wiktionary · Audio: 16Word.
Make the verbs stick
16Word drills Dutch verbs, words and sentences 16 at a time, with audio and a game break between answers — from any of 36 languages. Free to start.