solliciteren
Dutch verb conjugation — to apply (for a job) · /sɔlisiˈteːrə(n)/
In short: ik solliciteer, jij solliciteert, hij solliciteert, wij solliciteren, jullie solliciteren, zij solliciteren — and in the past, ik heb gesolliciteerd.
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd
| ik | solliciteer |
| jij / je | solliciteert |
| hij / zij / het | solliciteert |
| wij / we | solliciteren |
| jullie | solliciteren |
| zij / ze | solliciteren |
Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd — the everyday past
| ik | heb gesolliciteerd |
| jij / je | hebt gesolliciteerd |
| hij / zij / het | heeft gesolliciteerd |
| wij / we | hebben gesolliciteerd |
| jullie | hebben gesolliciteerd |
| zij / ze | hebben gesolliciteerd |
Simple past
Onvoltooid verleden tijd
| ik | solliciteerde |
| jij / je | solliciteerde |
| hij / zij / het | solliciteerde |
| wij / we | solliciteerden |
| jullie | solliciteerden |
| zij / ze | solliciteerden |
Past perfect
Voltooid verleden tijd
| ik | had gesolliciteerd |
| jij / je | had gesolliciteerd |
| hij / zij / het | had gesolliciteerd |
| wij / we | hadden gesolliciteerd |
| jullie | hadden gesolliciteerd |
| zij / ze | hadden gesolliciteerd |
Future
zullen + infinitive
| ik | zal solliciteren |
| jij / je | zult solliciteren |
| hij / zij / het | zal solliciteren |
| wij / we | zullen solliciteren |
| jullie | zullen solliciteren |
| zij / ze | zullen solliciteren |
Conditional
zouden + infinitive
| ik | zou solliciteren |
| jij / je | zou solliciteren |
| hij / zij / het | zou solliciteren |
| wij / we | zouden solliciteren |
| jullie | zouden solliciteren |
| zij / ze | zouden solliciteren |
Imperative
Commands
| jij | solliciteer |
solliciteren in sentences
- Ik ga solliciteren bij het postkantoor.I am going to apply for a job at the postal office.
- Ik ga solliciteren naar de positie van een postbode.I am going to apply for the position of a mailman.
- Ben je naar klappen aan het solliciteren?Are you asking for a beating?
Examples from Wiktionary.
Questions about solliciteren
How do you conjugate solliciteren in the present tense?
ik solliciteer, jij / je solliciteert, hij / zij / het solliciteert, wij / we solliciteren, jullie solliciteren, zij / ze solliciteren.
What is the past participle of solliciteren?
gesolliciteerd.
Does solliciteren take hebben or zijn in the perfect?
hebben: ik heb gesolliciteerd.
What is the simple past of solliciteren?
ik solliciteerde, wij solliciteerden.
More Dutch verbs
All 212 Dutch verbs → · The Dutch inburgering exam explained
Conjugation, meanings and examples: Wiktionary (CC BY-SA 4.0), via kaikki.org. solliciteren on Wiktionary · Recording of solliciteren: GerardM, CC BY 2.5, via Wikimedia Commons (MP3 version).
Make the verbs stick
16Word drills Dutch verbs, words and sentences 16 at a time, with audio and a game break between answers — from any of 36 languages. Free to start.