suggereren

Dutch verb conjugation — to suggest · /ˌsʏɣəˈreːrə(n)/

Auxiliary
hebben
Past participle
gesuggereerd
Level
A2

In short: ik suggereer, jij suggereert, hij suggereert, wij suggereren, jullie suggereren, zij suggereren — and in the past, ik heb gesuggereerd.

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd

iksuggereer
jij / jesuggereert
hij / zij / hetsuggereert
wij / wesuggereren
julliesuggereren
zij / zesuggereren

Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd — the everyday past

ikheb gesuggereerd
jij / jehebt gesuggereerd
hij / zij / hetheeft gesuggereerd
wij / wehebben gesuggereerd
julliehebben gesuggereerd
zij / zehebben gesuggereerd

Simple past

Onvoltooid verleden tijd

iksuggereerde
jij / jesuggereerde
hij / zij / hetsuggereerde
wij / wesuggereerden
julliesuggereerden
zij / zesuggereerden

Past perfect

Voltooid verleden tijd

ikhad gesuggereerd
jij / jehad gesuggereerd
hij / zij / hethad gesuggereerd
wij / wehadden gesuggereerd
julliehadden gesuggereerd
zij / zehadden gesuggereerd

Future

zullen + infinitive

ikzal suggereren
jij / jezult suggereren
hij / zij / hetzal suggereren
wij / wezullen suggereren
julliezullen suggereren
zij / zezullen suggereren

Conditional

zouden + infinitive

ikzou suggereren
jij / jezou suggereren
hij / zij / hetzou suggereren
wij / wezouden suggereren
julliezouden suggereren
zij / zezouden suggereren

Imperative

Commands

jijsuggereer

Questions about suggereren

How do you conjugate suggereren in the present tense?

ik suggereer, jij / je suggereert, hij / zij / het suggereert, wij / we suggereren, jullie suggereren, zij / ze suggereren.

What is the past participle of suggereren?

gesuggereerd.

Does suggereren take hebben or zijn in the perfect?

hebben: ik heb gesuggereerd.

How do you say "I suggest" in Dutch?

Ik suggereer.

What is the simple past of suggereren?

ik suggereerde, wij suggereerden.

More Dutch verbs

All 150 Dutch verbs → · The Dutch inburgering exam explained

Conjugation, meanings and examples: Wiktionary (CC BY-SA 4.0), via kaikki.org. suggereren on Wiktionary · Audio: 16Word.

Make the verbs stick

16Word drills Dutch verbs, words and sentences 16 at a time, with audio and a game break between answers — from any of 36 languages. Free to start.