drinken
Dutch verb conjugation — to drink · /ˈdrɪŋkə(n)/
In short: ik drink, jij drinkt, hij drinkt, wij drinken, jullie drinken, zij drinken — and in the past, ik heb gedronken.
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd
| ik | drink |
| jij / je | drinkt |
| hij / zij / het | drinkt |
| wij / we | drinken |
| jullie | drinken |
| zij / ze | drinken |
Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd — the everyday past
| ik | heb gedronken |
| jij / je | hebt gedronken |
| hij / zij / het | heeft gedronken |
| wij / we | hebben gedronken |
| jullie | hebben gedronken |
| zij / ze | hebben gedronken |
Simple past
Onvoltooid verleden tijd
| ik | dronk |
| jij / je | dronk |
| hij / zij / het | dronk |
| wij / we | dronken |
| jullie | dronken |
| zij / ze | dronken |
Past perfect
Voltooid verleden tijd
| ik | had gedronken |
| jij / je | had gedronken |
| hij / zij / het | had gedronken |
| wij / we | hadden gedronken |
| jullie | hadden gedronken |
| zij / ze | hadden gedronken |
Future
zullen + infinitive
| ik | zal drinken |
| jij / je | zult drinken |
| hij / zij / het | zal drinken |
| wij / we | zullen drinken |
| jullie | zullen drinken |
| zij / ze | zullen drinken |
Conditional
zouden + infinitive
| ik | zou drinken |
| jij / je | zou drinken |
| hij / zij / het | zou drinken |
| wij / we | zouden drinken |
| jullie | zouden drinken |
| zij / ze | zouden drinken |
Imperative
Commands
| jij | drink |
Questions about drinken
How do you conjugate drinken in the present tense?
ik drink, jij / je drinkt, hij / zij / het drinkt, wij / we drinken, jullie drinken, zij / ze drinken.
What is the past participle of drinken?
gedronken.
Does drinken take hebben or zijn in the perfect?
hebben: ik heb gedronken.
How do you say "I drink" in Dutch?
Ik drink.
What is the simple past of drinken?
ik dronk, wij dronken.
More Dutch verbs
All 212 Dutch verbs → · The Dutch inburgering exam explained
Conjugation, meanings and examples: Wiktionary (CC BY-SA 4.0), via kaikki.org. drinken on Wiktionary · Recording of drinken: Marcel coenders, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons (MP3 version).
Make the verbs stick
16Word drills Dutch verbs, words and sentences 16 at a time, with audio and a game break between answers — from any of 36 languages. Free to start.