schreeuwen
Dutch verb conjugation — to yell; to bellow; to shout; to talk loudly · /ˈsxreːu̯ə(n)/
In short: ik schreeuw, jij schreeuwt, hij schreeuwt, wij schreeuwen, jullie schreeuwen, zij schreeuwen — and in the past, ik heb geschreeuwd.
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd
| ik | schreeuw |
| jij / je | schreeuwt |
| hij / zij / het | schreeuwt |
| wij / we | schreeuwen |
| jullie | schreeuwen |
| zij / ze | schreeuwen |
Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd — the everyday past
| ik | heb geschreeuwd |
| jij / je | hebt geschreeuwd |
| hij / zij / het | heeft geschreeuwd |
| wij / we | hebben geschreeuwd |
| jullie | hebben geschreeuwd |
| zij / ze | hebben geschreeuwd |
Simple past
Onvoltooid verleden tijd
| ik | schreeuwde |
| jij / je | schreeuwde |
| hij / zij / het | schreeuwde |
| wij / we | schreeuwden |
| jullie | schreeuwden |
| zij / ze | schreeuwden |
Past perfect
Voltooid verleden tijd
| ik | had geschreeuwd |
| jij / je | had geschreeuwd |
| hij / zij / het | had geschreeuwd |
| wij / we | hadden geschreeuwd |
| jullie | hadden geschreeuwd |
| zij / ze | hadden geschreeuwd |
Future
zullen + infinitive
| ik | zal schreeuwen |
| jij / je | zult schreeuwen |
| hij / zij / het | zal schreeuwen |
| wij / we | zullen schreeuwen |
| jullie | zullen schreeuwen |
| zij / ze | zullen schreeuwen |
Conditional
zouden + infinitive
| ik | zou schreeuwen |
| jij / je | zou schreeuwen |
| hij / zij / het | zou schreeuwen |
| wij / we | zouden schreeuwen |
| jullie | zouden schreeuwen |
| zij / ze | zouden schreeuwen |
Imperative
Commands
| jij | schreeuw |
schreeuwen in sentences
- Dit behang schreeuwt nogal.This wallpaper is rather loud.
Examples from Wiktionary.
Questions about schreeuwen
How do you conjugate schreeuwen in the present tense?
ik schreeuw, jij / je schreeuwt, hij / zij / het schreeuwt, wij / we schreeuwen, jullie schreeuwen, zij / ze schreeuwen.
What is the past participle of schreeuwen?
geschreeuwd.
Does schreeuwen take hebben or zijn in the perfect?
hebben: ik heb geschreeuwd.
What is the simple past of schreeuwen?
ik schreeuwde, wij schreeuwden.
More Dutch verbs
All 150 Dutch verbs → · The Dutch inburgering exam explained
Conjugation, meanings and examples: Wiktionary (CC BY-SA 4.0), via kaikki.org. schreeuwen on Wiktionary · Audio: 16Word.
Make the verbs stick
16Word drills Dutch verbs, words and sentences 16 at a time, with audio and a game break between answers — from any of 36 languages. Free to start.