omhelzen

Dutch verb conjugation — to hug · /ˌɔmˈɦɛl.zə(n)/

Auxiliary
hebben
Past participle
omhelsd
Level
A2

In short: ik omhels, jij omhelst, hij omhelst, wij omhelzen, jullie omhelzen, zij omhelzen — and in the past, ik heb omhelsd.

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd

ikomhels
jij / jeomhelst
hij / zij / hetomhelst
wij / weomhelzen
jullieomhelzen
zij / zeomhelzen

Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd — the everyday past

ikheb omhelsd
jij / jehebt omhelsd
hij / zij / hetheeft omhelsd
wij / wehebben omhelsd
julliehebben omhelsd
zij / zehebben omhelsd

Simple past

Onvoltooid verleden tijd

ikomhelsde
jij / jeomhelsde
hij / zij / hetomhelsde
wij / weomhelsden
jullieomhelsden
zij / zeomhelsden

Past perfect

Voltooid verleden tijd

ikhad omhelsd
jij / jehad omhelsd
hij / zij / hethad omhelsd
wij / wehadden omhelsd
julliehadden omhelsd
zij / zehadden omhelsd

Future

zullen + infinitive

ikzal omhelzen
jij / jezult omhelzen
hij / zij / hetzal omhelzen
wij / wezullen omhelzen
julliezullen omhelzen
zij / zezullen omhelzen

Conditional

zouden + infinitive

ikzou omhelzen
jij / jezou omhelzen
hij / zij / hetzou omhelzen
wij / wezouden omhelzen
julliezouden omhelzen
zij / zezouden omhelzen

Imperative

Commands

jijomhels

Questions about omhelzen

How do you conjugate omhelzen in the present tense?

ik omhels, jij / je omhelst, hij / zij / het omhelst, wij / we omhelzen, jullie omhelzen, zij / ze omhelzen.

What is the past participle of omhelzen?

omhelsd.

Does omhelzen take hebben or zijn in the perfect?

hebben: ik heb omhelsd.

How do you say "I hug" in Dutch?

Ik omhels.

What is the simple past of omhelzen?

ik omhelsde, wij omhelsden.

More Dutch verbs

All 150 Dutch verbs → · The Dutch inburgering exam explained

Conjugation, meanings and examples: Wiktionary (CC BY-SA 4.0), via kaikki.org. omhelzen on Wiktionary · Audio: 16Word.

Make the verbs stick

16Word drills Dutch verbs, words and sentences 16 at a time, with audio and a game break between answers — from any of 36 languages. Free to start.