The Dutch perfect tense: hebben or zijn, ge-…-t or ge-…-d

The everyday Dutch past: hebben or zijn + a past participle. How to make ge-…-t and ge-…-d (’t kofschip), the verbs that take zijn, the participles without ge-, and the strong verbs to learn.

Updated · 3 min read

Lire ce guide en français

Canal houses along the Singel in Amsterdam
Photo: Dietmar Rabich, CC BY-SA 4.0, resized.

Dutch talks about the past mostly with the perfect (voltooid tegenwoordige tijd): Ik heb gewerkt. Ik ben naar huis gegaan. It is used for finished events — where English says I worked — as well as for I have worked. The simple past is more for stories and writing.

In short: hebben or zijn (conjugated, second) + a past participle (at the end). Weak verbs: ge + stem + t or d — t if the stem ends in one of the consonants of ’t kofschip (t, k, f, s, ch, p), otherwise d: gewerkt, gewoond.

Making the participle

InfinitiveStemLast letter in ’t kofschip?Participle
werkenwerkk → yesgewerkt
wonenwoonn → nogewoond
fietsenfietss → yesgefietst
betalenbetaall → nobetaald (no ge-)
levenleefthe infinitive has v → nogeleefd
reizenreisthe infinitive has z → nogereisd

Look at the stem — but for verbs with v or z in the infinitive, the participle takes -d (geleefd, gereisd). Tables: werken, wonen, fietsen, betalen, leven, reizen.

No ge- after be-, ge-, her-, ont-, ver-, er-

betalen → betaald, vertellen → verteld (vertellen), verhuizen → verhuisd (verhuizen), herhalen → herhaald (herhalen), ontvangen → ontvangen (ontvangen). Separable verbs put ge in the middle: opstaan → opgestaan, invullen → ingevuld — see separable verbs.

Hebben or zijn?

Most verbs take hebben. Zijn is for verbs of movement to a place or a change of state, and for zijn, worden, blijven:

zijnhebben
Ik ben naar huis gegaan. (gaan)Ik heb gewerkt. (werken)
Ze is in 2024 gekomen. (komen)We hebben veel geleerd. (leren)
Hij is ziek geworden. (worden)Ze heeft de brief geschreven. (schrijven)
We zijn thuis gebleven. (blijven)Ik heb gegeten. (eten)
Het is gebeurd. (gebeuren)Ik heb geslapen. (slapen)

Movement verbs like fietsen and lopen take zijn with a destination (Ik ben naar school gefietst) and hebben without one (Ik heb een uur gefietst). Every verb table on 16Word shows its auxiliary.

Strong verbs: learn the participle

InfinitiveParticipleAuxiliary
zijngeweestzijn
hebbengehadhebben
gaangegaanzijn
komengekomenzijn
doengedaanhebben
ziengezienhebben
etengegetenhebben
drinkengedronkenhebben
schrijvengeschrevenhebben
lezengelezenhebben
sprekengesprokenhebben
vindengevondenhebben

Tables for each: zijn, hebben, doen, zien, drinken, lezen, spreken, vinden.

Ik ben in 2023 naar Nederland gekomen en ik heb eerst in Rotterdam gewoond.

Literally: I came to the Netherlands in 2023 and first lived in Rotterdam.

Meaning: zijn + gekomen (movement), hebben + gewoond.

Gisteren heb ik de hele dag gewerkt.

Literally: Yesterday I worked all day.

Meaning: gisteren first → heb ik; the participle at the end.

Practise

  1. Tell what you did yesterday in five sentences — the classic speaking exam question.
  2. Check each auxiliary and participle on its verb table.
  3. Learn the strong participles above by heart.
  4. Then read the simple past for stories.

The past, sentence by sentence

16Word’s Sentences track spends four pages on the past — what you did, past questions, mishaps, two-part stories. Page 1 is free.

Keep learning

All our Dutch grammar guides

Frequently asked questions

How do you form the perfect in Dutch?

Hebben or zijn + the past participle at the end: Ik heb gewerkt. Ik ben gegaan.

When do you use zijn in the Dutch perfect?

With verbs of movement to a place or change of state (gaan, komen, vallen, worden, verhuizen) and with zijn and blijven. Most other verbs take hebben.

What is 't kofschip?

A memory word: if the stem of a weak verb ends in t, k, f, s, ch or p, the participle ends in -t (gewerkt); otherwise in -d (gewoond).

Why is it betaald and not gebetaald?

Verbs with the unstressed prefixes be-, ge-, her-, ont-, ver- and er- take no ge-: betaald, verteld, verhuisd.

Was this guide useful?

Official sources

Keep going